Een eenvoudig persbericht van TenneT zorgde onlangs voor veel publiciteit. De netten kunnen de toevloed van duurzame energie niet aan. Volgens TenneT heeft vooral de ontwikkeling van de zonne-energie hen verrast. Dit is enigszins merkwaardig, want reeds in 2016 was er al een enorme toename van zon-pv-projecten en deze ontwikkeling heeft zich in 2017 en 2018 voortgezet. Eind 2018 is er zelfs een pipeline van 6-9 GW aan zon-pv-projecten.
 

Meer in het algemeen is het merkwaardig dat TenneT zich overvallen voelt, want iedereen weet dat de prijs van zonnepanelen nog altijd daalt en dat Nederland nog altijd achter loopt in Europa als het gaat om het aandeel duurzame energie. De Rijksoverheid heeft daarom de budgetten voor SDE+ verhoogd. TenneT weet ook uit eigen ervaring wat de ontwikkeling van decentrale duurzame opwek betekent voor het netwerk. TenneT is verantwoordelijk voor de aanleg en onderhoud van grote delen van het Duitse elektriciteitsnet en spelen naar eigen zeggen een belangrijke rol in de energietransitie aldaar: ‘TenneT is de aanjager van de Duitse Energiewende, de transitie naar een duurzame energievoorziening’. Toch ligt de belangrijkste beperking voor de uitrol van zonne-energie in Nederland bij de hoogspanningsnetten. De regionale netbeheerders moeten steeds vaker transportbeperkingen opleggen aan opwekkers van duurzame energie. Zij zouden dus we kunnen aansluiten, maar niet garanderen dat de opgewekte zonnestroom kan worden afgevoerd. De facto betekent dit dat de zij de installatie niet aansluiten.

Eerst concentreerde zich deze aansluitproblemen in het Noorden van het land. Daar is veel ruimte voor wind- en zonne-energie, maar zijn de netten traditioneel niet zwaar uitgevoerd, omdat er altijd relatief weinig vraag naar stroom is geweest. In Zuid-Groningen en Oost-Drenthe zijn er al een groot aantal gemeenten benoemd, waar het net ‘vol’ zit en ook in Friesland zijn er sommige gebieden waar er een tekort aan netcapaciteit in het 110 kVA-net. Ook Zeeland is al eens genoemd als een probleemgebied, maar dat zal mogelijkerwijs met de aansluiting van het Borssele windpark zijn opgelost. Zeer recent worden er ook problemen gemeld in Oost-Brabant. In alle gevallen zijn de beperkingen terug te voeren op het hoogspanningsnet.

Het is van belang dat we als sector samenwerken met de netbedrijven om intelligente oplossingen te zoeken. Het is dan ook goed dat de NVDE op voorstel van Holland Solar besloten heeft een werkgroep in het leven te roepen, waarin netbeheerders samen met vertegenwoordigers van Holland Solar en NWEA zitting hebben. De bedoeling is dat er enerzijds gekeken wordt naar oplossingen binnen de bestaande regelgeving (eventueel gebruik makend van experimenteerruimte en naar technische oplossingen als vrijwillig curtailment en opslag. Anderzijds wordt gekeken naar noodzakelijke aanpassingen aan de regelgeving, het verkorten van procedures voor de aanleg van netinfrastructuur en meer bevoegdheden en budget voor de (regionale) netbedrijven.
Wij zullen als sector (NWEA als windsector en Holland Solar) ook zelf initiatieven moeten nemen. Samen optrekken als wind en zon helpt congestieproblemen te verminderen, soms kan (tijdelijk) vrijwillig curtailment een oplossingen bieden. Vroegtijdig contact met de netbeheerder kan helpen reële verwachtingen te hebben over de aansluiting van zoninstallaties. Bovendien stelt het de netbeheerders in staat om te anticiperen.
Samenwerking tussen netbeheerders en de sector is van groot belang voor de uitrol van de duurzame productie van stroom. Dat laat onverlet dat van TenneT een maximale inspanning verwacht kan worden om de transitie naar duurzame stroom te faciliteren. Ik zou tegen TenneT willen zeggen. ‘Remmen los en word ook in Nederland een aanjager van de energietransitie’